Wheel Of Time

Entering Aridhol

Familiar faces

Terwijl Liadrin op de boot van Bayle Domon blijft, worden Rhogar, Diora, Kat en Siegrain door Gustav naar de oever geroeid. Tijdens het stukje lopen van de rivier naar Aridhol horen zij mensen. Snel verstopt het viertal zich. Door stil te blijven, kunnen zij 4 mannen horen praten, zonder ontdekt te worden. De mannen denken dat zij de laatste overlevenden zijn van hun groep. Ze werden in Aridhol aangevallen door de mist en door boogschutters. Ook is één van hen zijn geluksmuntje kwijt geraakt. Ondanks dat hij die wel terug zou willen, vertrekken de 4 mannen naar het westen.

Tevreden met de informatie over Aridhol en met het feit dat de 4 avonturiers niet al ontdekt waren voordat ze ook maar een voet in Aridhol hadden gezet, lopen ze door richting de muren van Aridhol. De muren staan nog voor het grootste deel, maar zijn er slecht aan toe. Aridhol is een ruïne. De hoofdpoort is ingestort, maar het is nog mogelijk er langs te lopen. Vlak voor de ingang krijgt Rhogar een lichte druk achter z’n ogen, maar zegt dat er niets aan de hand is.

Binnen de muren van Aridhol hoort Siegrain al snel gelach. Na even goed rond te kijken, vinden de 4 een man op de grond zitten, met zijn rug naar hen toe. De man blijkt Aramil te zijn! Ondanks zijn bizarre verdwijning in Shadowfell Keep en het vermoeden dat Magie een slechte invloed op hem heeft, zijn de avonturiers vriendelijk tegen Aramil.
Aramil vertelt dat een groep bandieten ‘ruzie’ had met de mist. Ook is hij niet de enige die in Aridhol woont. In de toren in het oosten van de stad woont een vrouw genaamd Selena. Verder zou er een mogelijkheid moeten zijn om jezelf te beschermen tegen de mist.

Aramil verlaat de stad om onduidelijke redenen. Het viertal loopt verder de stad in. Ineens worden de druk achter Rhogar zijn ogen erger en ziet hij in een flits een lijk liggen op een binnenplaats. Hij denkt dat het lijk in Aridhol ligt, want de binnenplaats leek op de muren en straten van Aridhol, alleen dan nog in volle glorie en niet de ruïne die het nu is. Als ze een hoek om slaan, staan ze ineens op deze binnenplaats, en nog wel in volle glorie ook! Alleen alles, en dan ook echt alles, is bedekt met woorden. De woorden lijken wel verweven in al het materiaal om hen heen.

Op de binnenplaats zien ze aan de noordkant een meisje met een krijtje in haar handje door de deur van de Steigerende Pony lopen. Aan de zuidkant van de binnenplaats zie ze iemand op de grond liggen, volgens Rhogar het lijk uit zijn flits. Het lijk blijkt Nikki te zijn. Siegrain denkt dat ze daar al een paar dagen ligt. Ze is neergestoken. Als Diora de dolk uit het lichaam haalt, begint die ineens te praten. Het blijkt een betoverde dolk te zijn. Een moordenaar zit in de dolk opgesloten toen hij probeerde een tovenaar te vermoorden. Het enige wat hij nog kan, is praten. De moordenaar heet Azûr, de bekendste assasin uit zijn tijd! De vorige eigenaar was een man, maar Azûr sprak niet echt met hem. Hij heette iets van Arganol/Argonil. Het zou best kunnen dat deze man de diadeem heeft meegenomen.

In de herberg de Steigerende Pony is het enige dat ze vinden een luik. Dit luik leidt naar de riolen. Onder het luik zijn allemaal pijlen getekend met krijt, die allemaal naar beneden wijzen.

Comments

Siegrain

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.